|
|
 |
 |
|
 |
| Slakken? |
 |
De laatste 2 à 3 jaar worden velen geconfronteerd met een echte slakkenplaag in hun tuin. In sommige tuinen is het probleem zo erg, dat mensen het soms opgeven om nog iets aan te planten, laat staan om nog eigen groenten te telen.
In geval van 'lichte' schade kunnen klassieke hulpmiddelen nog enig soelaas bieden: uitstrooien van lavagruis rond gevoelige (zeg maar malse) plantjes, het plaatsen van biervallen, het aantrekken van natuurlijke vijanden (egels, padden, vogels,...), het nachtelijk verzamelen van slakken,...
|
Bij een zwaardere plaag blijken deze ingrepen vaak geen voldoende oplossing te bieden. Chemische slakkenkorrels zijn natuurlijk uit den boze (grondverontreiniging, vaak dodelijke vergiftiging van vogels en egels).
Gelukkig kan de natuur ons een handje toesteken. Sedert enkele jaren bieden wij de natuurlijke parasieten van slakken aan. Het zijn microscopisch kleine wormpjes ('aaltjes') die de slakken in de grond gaan parasiteren, wat hun dood veroorzaakt. Deze aaltjes zijn volkomen onschadelijk voor mens en (huis-)dier en hebben geen enkel negatief effect op de bodem of de planten. Ze worden opgelost in water en met de gieter aangebracht. Heel eenvoudig én doeltreffend! |
Lees hier hoe u deze aaltjes kan bestellen.
De firma Ecostyle biedt nu ook sinds enige tijd de enige ecologische slakkenkorrel aan onder de naam 'Escar-Go'. Dit produkt is verkrijgbaar in onze winkel (verpakkingen van 500 gr, 1 kg en 10 kg). Escar-go is volledig onschadelijk voor uw bodem en voor andere dieren (egels, padden, vogels, huisdieren,…) |
|
|
|
| Even voorstellen: inheemse éénjarigen |
Eenjarigen worden door vele ecologische tuinliefhebbers wat kritisch bekeken. Vaak legt men enkel de link met de schreeuwerige viooltjes, ranonkels of afrikaantjes uit de traditionele tuinen. Ook zou men kunnen denken dat het gebruik van éénjarigen per definitie in tegenspraak is met het principe dat ecologische tuinen minder arbeidsintensief (zouden moeten) zijn. Toch kan het gebruik van die planten in onze tuin interessant en aangenaam zijn.
|
| Klaproos (Papaver sp.) |
Wellicht de best gekende onder onze éénjarigen. In tegenstelling tot de meeste andere akkerbloemen (zoals de twee volgende), lijkt de klaproos er de laatste jaren terug op vooruit te gaan, onder meer als gevolg van een ecologischer wegbermbeheer. Ook is het zo dat de zaden jarenlang kunnen 'sluimeren' in de ondergrond en bij een verstoring van de grond (vb. bij verkaveling) plots massaal opkomen met een prachtig effekt tot gevolg. Zoals alle akkerbloemen vraagt de klaproos een zonnige plek en niet te natte grond. U kan de klaproos zelf uitzaaien in uw tuin (verplanten kan niet), maar opgelet: zonder verstoorde grond zal ze niet lang standhouden! |
|
| Bolderik (Agrostemma githago) |
De bolderik is een immigrant van het zuid-europese type die reeds eeuwen terug samen met graansoorten in onze streken terechtkwam. U zal zich echter heel gelukkig mogen prijzen als u dit akkerkruid reeds in de velden tegenkwam. Graanzuivering zorgde ervoor dat de bolderik opnieuw nagenoeg uit onze flora verdween. Vanuit gezondheidsstandpunt misschien geen slechte zaak omdat de giftige zaden wel eens voor slecht brood zorgden. Vanuit esthetisch standpunt is het verdwijnen van de bolderik echter een ronduit slechte zaak. Deze hoge plant (tot 1 meter) bloeit massaal in de maanden juni en juli met licht- tot donkerpaarse bloemen. De bolderik komt nog het best tot zijn recht in combinatie met andere akkerbloemen. Meestal worden die akkerbloemen trouwens als zaadmengsel verkocht (zaaien kan vanaf einde maart, maar ook in het vroege najaar). Het is ook mogelijk om jonge potplantjes in het voorjaar (april-mei) uit te planten. |
|
| Korenbloem (Centaurea cyanus) |
De korenbloem geniet bij ons een haast mytische bekendheid (blader maar eens in een kinderboekje), hoewel u - net als bij de bolderik - een flinke portie geluk nodig hebt om ze op uw zondagse fietstocht tegen te komen. Toch was deze akkerbloem tot een kwarteeuw geleden nog een algemene verschijning. De korenbloem vraagt een lichte plaats en mijdt vochtige, zware en sterk bemeste gronden. Voor een goede opkomst, kan u ze best in het najaar zaaien. Deze éénjarige heeft een aantal nauwverwante vaste planten als familielid: o.m . knoopkruid, grote centaurie, de in België beschermde bergcentaurie en het zaagblad. |
|
| Nachtkoekoeksbloem (Silene noctiflora) |
Dit broertje van de gekendere rose dag- en witte avondkoekoesbloem heeft zijn naam niet gestolen: vaak gaan de witte tot lichtrose bloemen pas open tegen tien uur 's avonds. Deze kleverige plant komt vooral op kleigrond voor. Na het afmaaien van deze plant krijgt u er gegarandeerd een tweede bloeiperiode bij. Een plantje voor de slapelozen onder ons... |
|
| Bilzekruid (Hyoscyamus niger) |
Dit is één van de zogenaamde heksenkruiden. Werd wel eens aangewend om ongewenste personen te elimineren, let dus maar op als u op een dag het plantje niet meer terugvindt in de tuin! Mijn ervaring in de kwekerij leert dat mensen dit plantje uit de nachtschadefamilie of afstotelijk of prachtig vinden. Het bilzekruid is dan ook echt geen gewone plant die eerder in een rariteitenhoekje thuishoort. De bloemen zijn okergeel met paarse adertjes en hebben een bizarre geur. Na de bloei groeien de zaadddozen flink uit. Vraagt een eerder droge, maar niet te arme grond. |
|
| Driekleurig viooltje (Viola tricolor) |
Misschien is dit wel dé kampioen onder de inheemse langbloeiers: vanaf april tot november in een zacht najaar. Ze zijn gemakkelijke klanten die ook halfschaduw verdragen en wat drogere grond. Dit prachtexemplaartje kan u overal toepassen: als 'opvulsel' tussen vaste planten, in bloemschalen en ze vestigt zich zelfs in de voegen van uw terras. Hou er wel rekening mee dat dit eetbare viooltje (bloemen) zich flink kan uitzaaien. Het resultaat van die vermeerderingsdrift kan echter prachtig zijn. Viooltjes bastaarderen heel makkelijk zodat u na verloop van tijd geen echte driekleurige viooltjes meer zal hebben.
Een mooie cultuurvariëteit is de viola tricolor 'nigra' met heel donkerpaarse bloemetjes. |
|
| Slangekruid (Echium vulgare) |
Het slangekruid is een relatief veel voorkomende plant op kalkrijke zandgronden (o.m. in de duinen). Deze één- à tweejarige staat gekend om zijn uitzonderlijke aantrekkingskracht op bijen. De vele blauwe bloemen staan op stengels die zo'n 50 cm hoog worden. Op rijkere gronden haalt ze soms meer dan één meter, ondersteuning (vb. door buurplanten) verdient in dat geval wel aanbeveling. De bloei loopt van de late lente tot het vroege voorjaar. Zaait zichzelf terug uit. Voor de winter vormen de kiemplantjes vaak al stevige rozetten. |
|

|
|
|

|
 |
 |
|